De twee kanten van de samenleving

Het is donderdagochtend, half elf. Als ik naar buiten kijk, zie ik een vrachtwagen door de straat rijden. Zo’n kleine met schuine randen waar je glas mee kan vervoeren. Heel langzaam, zoekend rijdt de chauffeur voorbij. Mijn hart maakt een vreugdedansje. Ja! Joehoe! Hier moet je zijn! Op de hoek draait ‘ie om zodat hij de lading, naar mij later pas duidelijk wordt, aan de goede kant van de straat kan lossen. Ik wacht hem buiten op de stoep op, in mijn joggingbroek en gympies (vakantie hè, dan mag het).

Een potige, brede man met kale kop, stereotype vrachtwagenchauffeur, stapt uit. ‘Waar zijn de mannen?’ Eh, mannen? Ik kijk hem niet-begrijpend aan. ‘Ja, de werkmannen. Die het glas gaan plaatsen. Die moeten me effe helpen met tillen. Dat raam weegt 100 kilo, dat krijg ik er in mijn eentje niet uit.’ Voor de zekerheid kijk ik nog even schalks de cabine in, op zoek naar een collega. Geintje zeker. Toch? Maar hij is echt alleen. En ik ook. ‘Die zijn hier niet, het raam wordt pas over een paar dagen geplaatst…’

De letterlijke tekst van de chauffeur zal ik hier niet opschrijven. Laten we het erop houden dat hij verre van amused is en dat ik met rood hoofd naarstig op zoek ga naar een sterke buurman. Die ik gelukkig snel vind. Ook in joggingbroek. Toch fijn, vakantietijd.

Het raam is inderdaad loei zwaar! En breekbaar, denk ik bij elke stap die we puffend en zuchtend met zijn drietjes over de schots-en-scheve tegels in onze voortuin richting ons huis schuifelen. Even doorzetten nog maar, we zijn er bijna…

‘You can NOT do this! It’s absolutely ridiculous. I’m in a hurry and your car is blocking the street.’

Verbaasd kijken we naar de voordeur. Daar staat een dame in het Engels te briesen van woede. De taal die ze uitslaat is not for the cat, hierboven staat slechts de genuanceerde samenvatting. Ik probeer haar woede te sussen. We zijn bijna klaar, dan kan zij weer verder. Maar daar staat ze niet voor open, ze hoort volgens mij niet eens wat ik zeg. Ze briest verder, over hoe belachelijk het is om de straat te blokkeren! Dat kan je toch niet maken! Ze heeft haast! De vrachtwagen moet maar ergens anders staan, zodat zij er geen last van heeft. Want ze heeft haast, weet je?

Dat ze haast heeft, daar heb ik best begrip voor. Maar de manier waarop ze ons te woord staat, brengt het slechtste in me naar boven. En niet alleen in mij. Tergend langzaam maken we onze klus af. Staat het glas stevig? Check, check, dubbel check. Of ik ook nog even de opdrachtbon wil ondertekenen. ‘Zal ik het maar heeeeel langzaam doen?’ De vrachtwagenchauffeur lacht. ‘Ja, doe maar rustig aan hoor!’ Hij is vergeten dat hij me net nog een stom wicht vond, zonder werkmannen.

Heel rustig stapt hij zijn cabine in, de dame en haar grove teksten negerend, start de motor en rijdt met een gangetje van 20 kilometer per uur de straat uit. Gevolgd door het opgewonden standje en nog twee auto’s. Hoe lang heeft hij daar nou gestaan? Vijf minuten? Zes? Heel veel langer kan het niet zijn.

Het raampje van de laatste auto gaat naar beneden. Nee hè, niet nog een boos type…

‘Wat een onbeschoft gedrag net. Echt, ik schaam me diep! Plaatsvervangend diep… Bij deze MIJN excuses voor die dame van zojuist. Jij hebt niets verkeerd gedaan, hoor! Succes met je verbouwing.’

Verbaasd geef ik haar een grote glimlach, steek mijn duim in de lucht. ‘Dank u wel! Excuses aanvaard, hoor!’ Zo kan het dus ook. Blij huppel ik naar binnen, voorzichtig langs het glas dat mijn gang in beslag neemt. Een nieuw kozijn met dubbel glas tegemoet.

ongewenst gedrag


Blogs automatisch in je mailbox? Laat dan hier je mailadres achter:


 

Liefde
Lekker uit

2 thoughts on “De twee kanten van de samenleving

  1. Erg leuk weer geschreven. Ik zie t helemaal voor me 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *