De vraag der vragen: wel of niet?

sinterklaasWat is het toch een schimmige periode, als ze 8 zijn. Vooral in november en de eerste dagen van december is het continu spitsroeden lopen als ouder. Want geloven ze dan nog wel of stiekem toch niet meer in Sinterklaas? Je kan het ze niet vragen. Stel je voor, zeg! ‘Zeg, lieverd. Zeg eens eerlijk. Geloof jij nou nog dat de Sint bestaat? Ja? Oh, nou, dan heb ik niets gevraagd, hoor…’

Mijn dochter is 8 en bevindt zich in de fase tussen wel en niet geloven in. De Sint die in ons dorp aankomt? Nee joh, hartstikke nep die man! Moet je maar eens naar die baard kijken, da’s een soort pruik onder zijn kin! Ze zit in groep 5 en heeft voor het eerst lootjes getrokken. En laatst vroeg ze wat de echte naam zou zijn van Pietje Paniek, want dat is toch geen echte naam? Jochem? Net als Jochem Meijer? Ja, waarom niet.

Maar als je haar om 6 uur voor de tv ziet, zowat ín Diewertje Blok. En als ze vervolgens vol overgave liedjes door het rookkanaal blèrt. Daar spreekt dan weer een heilig geloof uit.

Twee jaar geleden was mijn zoon 8. Wel of niet? Ik wist het niet. Tot hij aan tafel een wel zeer kritische vraag stelde. Waar ook zijn zusje bij zat. De vraag zelf weet ik niet meer. Ik was zeg maar in een staat van lichte paniek. Al knipogend heb ik hem mee naar boven genomen. Maar ook dan geldt: hoe kom je erachter? Stel je gewoon botweg DE vraag? Of geef je subtiele speldenprikjes? Ik heb voor het laatste gekozen.

Voor het hoge woord eruit was… eindeloos duurde het. Hij bleef maar om de hete brij heendraaien. En wat bleek? Hij durfde het niet aan mij toe te geven omdat hij (echt waar, zijn woorden) ‘bang was dat ík zo achter het grote geheim zou komen’. Hij geloofde zelf al sinds vorig jaar al niet meer. Jongens onder elkaar, hè. Op het schoolplein. Ouderegroepers hadden het hem toen al verteld.

Maar iets klopte er niet aan zijn verhaal. ‘Als je dacht dat papa en mama nog in Sinterklaas geloven, hoe verklaar je dan elk jaar weer al die cadeautjes?’ Pas toen viel het kwartje écht bij hem. ‘Oh… ehm, tja. Euh, doen jullie dat dan? Oh ja, natuurlijk doen jullie dat!’ Dat hadden die oudere boys er dan weer niet bij verteld.

Nu zit hij in het complot. Een leuke maar zeker niet gemakkelijke rol. Soms draaft hij wat door. Zoals toen hij laatst glashard vertelde dat ‘Piet vannacht bij mij op de kamer was. Hij kon niet door de schoorsteen en…’ Na een schop onder tafel heeft hij zijn versie snel gewijzigd in het veel geloofwaardigere ‘ik heb Piet op het dak gehoord vannacht. Jij ook?’

Ik geloof er heilig in dat dit het laatste gelovige jaar in ons gezinnetje is.

Of… toch niet?


Blogs automatisch in je mailbox? Laat dan hier je mailadres achter:


 

 

Pubers en kinderpostzegels
Ode aan het hardlopen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *